30-11-11

30 Vrouwen - CARMEN

CARMEN_5630.jpg

CARMEN ( 1970 )                                                    

 

 

 

Ergens in Oost-Berlijn is ze verwekt,

In de schaduw van de Muur

En in dit tijdsgewricht is ze in de nacht gegroeid

Al ziek van heimwee aan de wortel.

 

Al vroeg is ze uit het nest gevallen

En op haar eerste vleugels

Weggewaaid naar het platteland van polder en molens.

Maanden heeft ze haar eerste taal uitgeschreeuwd

In haar verloren ouders

En langs de grachten

Niemand die haar verstond.

                                                         

Een jaartje later wijst ze met haar vinger

Berlijn op de kaart.

Dan valt haar vuistje open,

In elke vinger nog een kreet

Een klank die haar voeden zal

Maar nooit tot melodie verwordt

Want haar moeder is haar moeder niet

En vaders, ach.

Zo leeft ze in de scheur van haar scheiding

Haar vlees al jong gebroken

Maar in haar geest tot staal gesmeed,

Zo vrouw geworden onder de hete hamer.                                                      

 

Ze voelt zich niet in liefde groeien,

Het kind in haar is weggesneden,

En op haar wang te vaak

De striemen van een moederhand

Omdat ze- veel te vlug- vrouw wordt,

Veel mooier dan de hand die haar slaat en lijdt

Aan ouder zijn.  

 

 

Ze heeft zich uit het keurslijf van deze moeder

Losgewrikt,

Haar eigen naam

Voor het eerst op rijstpapier geschreven,

Nog hoorbaar rond de lippen van haar moeder uit Berlijn.                                     

                                                                                                                

Later is de muziek in haar teruggekeerd,

Wat opera en operette,

Soms de bassen in mineur op een accordeon

Of een trom uit Afrika.

 

Nu draagt ze kleren die uit haar gesneden zijn

Snit met kant en zijde en regenboog,

De magere mode modder aan haar lijf.

Haar tong is tegendraads,

Haar taal een alibi voor het verleden.

Nooit afhankelijk zijn, nooit moe in leren,

En in de liefde voor een man

Moet het ijs aan beide zijden dikker worden.                                                                                            

 

In de liefde voor de wereld is ze zigeuner,

Draagt ze zelfs slangen aan haar borst,

En omdat ze ’s nachts niet dromen kan

Jaagt ze een dagdroom voor zich uit

Naar een land in Afrika waar ze leven wil

Met haar drie kinderen.

Haar man mag ook mee als hij wil.

Zijn er tijgers in Zambia?

 

 

10:26 Gepost door ivo konings | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.