30-11-10

30 Vrouwen

 

DERYA ( 1982 )

 

Hoe moeilijk is het, in de vaart der volkeren,

Mee te stromen naar de zee,

Van beek naar rivier,

Kwetsbaar kind uit ouders

Van Oost naar West,

In elkaar gevloeid in godsdienst en cultuur,

In Koran en Islam,

Haar Turkse ouders, voorbestemd in liefde.

 

Haar moeder, al vergroeid met België,

Haar vader, hier in taal onkundig,

Vindt geen werk,

Moet zij, de baby, in een vreemd land

Dat toch in roots het hare is,

De hand van oma, in veilig slapen,

Tot de hare maken.

 

Als in herinnering de stem van haar moeder

Geen groot verdriet meer is

En het Turks al in haar tong rolt,

Op het matje, naast haar opa,

Ze speels tot Allah bidt,

Moet ze terug aan de hand

Van haar eerste moeder leren lopen,

Vertrouwen vinden in nieuwe stemmen

Andere klanken en vreemde geuren.

 

Omdat ze zo jong al groot is in een verleden,

Spreekt ze in haar gedachten vele talen

Die ze voor de buitenwereld verborgen houdt.

Ze wordt een beetje koel en afstandelijk,

Verdraagt geen knuffels meer,

Haar werkelijkheid een slinger

Tussen zoet en zout,

Ik hou van u, zo moeilijk uit te spreken.

 

Aan de rijk gevulde tafel van twee culturen

Leert ze haar keuzes maken,

En de vorm waarin ze gegoten is,

Is van een zachte materie die krimpt en groeit,

Zich aanpast,

Plooit naar haar normen en waarden.

In respect voor haar ouders en haar cultuur

En ook een beetje met de vinger

Op een vers in de Koran,

Blijft ze bloesem tot ze vrucht wordt

In de zomer van haar man.

 

Ze wil wel lief zijn maar niet in hem verdwijnen,

Ze wil van hem zijn maar zonder ankers,

Ze wil wel moeder zijn maar geen huisslaaf,

Het mag wat Koran en Islam zijn, wat familie en gezin,

Maar ook wat maatschappij

Waarin ze haar hartslag leggen kan.

 

Ooit moest ze haar hondje in Turkije achterlaten,

Jaren geblaf in haar herinnering.

De boosheid is nooit echt weggegaan.

Toch is die angel uit haar vel gegroeid

En wil ze fluisteren

wat haar hart in stilte zeggen kan:

Ik hou van u.

 

 

 

 

 

 

 

12:03 Gepost door ivo konings | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

14-11-10

DERTIG VROUWEN

Dit gedicht komt uit mijn nieuwe dichtbundel: Dertig Vrouwen, uitgegeven bij Devries-Brouwers. Deze dichtbundel is verkrijgbaar na 26 november in de boekhandels.

Ik heb met dertig vrouwen een gesprek gehad. Uit elk gesprek heb ik dan een gedicht gedistilleerd. Uit alle lagen van de bevolking hebben vrouwen hieraan meegewerkt: kapsters, schrijvers, een minister, kunstenaars enz...

 

MILOUDA ( 1970 )

 

In het Marokkaanse achterland

Neemt ze in haar geboorte

Het leven van haar moeder,

Schuld als netels,

Terwijl de vaderliefde vergruizelt

In een vreemd land, onder in de mijn.

 

Ze is vier op de arm van haar nieuwe moeder,

Zelf nog maar een kind van veertien,

Zuster van de vrouw die ze in rouwzang achter laat,

Woestijnroos tot zand verworden

In een gedwongen huwelijk

Met een vreemde man in een vreemd land,

In een vreemd huis, haar naam

Niet eens op de bel.

In onmacht en in heimwee

Schrijft de stiefmoeder haar naam

In het vel van haar vreemde kinderen.

 

Zij, de stiefdochter, kust de hand,

Die haar bijna dagelijks slaat,

Vluchtig en droog omdat het moet,

Eerbied uit de koran,

Voor haar zus, in wil tot leven,

Bijna fataal.

 

Haar grootouders, in traditie,

Kiezen voor haar een man, in taal en stijl,

Onwezenlijk en onbekend,

Die in religie liefde zijn moet.

Zij sloopt dit heilig huis en vlucht

Naar een leven dat in een open landschap ligt.

 

Toch wil ze de Islam kennen in studie,

Ook de geschiedenis van haar volk,

Waarom de ramadam, geen varkensvlees

En Mohammed een krijgsheer,

De profeet Jesus, een apostel van de vrede?

Waarom een hoofdoek, niqab of een boerka.

Voor zichzelf vindt ze een antwoord,

De anderen ook vrij in denken.

 

In haar schommelend zoeken

Loopt haar huwelijk leeg,

Smeekt ze om verwijten

En wordt ze wat ze nooit gekend heeft:

Moeder.

Wat moet ze met dit kind?

Wat doet ze met haar woede,

Een reus in angst en dwerg in liefde

Die ze niet verdient?

“ Doe me pijn,” smeekt ze,” dan voel ik me beter.”

 

Na jaren wordt ze in het kind opnieuw geboren,

Kan ze in de spiegel kijken naar een mooie vrouw,

Naakt en eindelijk bereid om klaar te komen,

Vindt ze melodie in Milouda,

Een rups die vlinder wordt,

Licht in lach en lust,

Hier ben ik.

 

14:44 Gepost door ivo konings | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |