21-12-07

MIJN MUZE IS HET AFGEBOLD

energie

 

 

Z I E K 

 

Je hebt zo van die dagen dat je hoofd wat holler lijkt, je hersenen wat losgeweekt van de stam, wat zinderend vlotten in de ruimte, naar ergens nergens. Een screensaver die alle richtingen uitgaat, ongecontroleerd tegen een wand aanbotst, wegschiet als een geschrokken konijn verdwijnt en weer verschijnt. En hoe ik ook mijn best doe, de leegheid vult me, mijn energie schijnbaar opgelost in een damp van chloroform. Mijn gedachten een grashalm willoos meegevoerd in een kabbelend beekje naar de stroom.

Mijn energie draagt een kille deken van de vrieskou, lijkt amorf en lichtbevroren als rijm op mijn lijf geplakt, bevroren lucht plots zichtbaar door de kou. Mijn inspiratie drijft als een blad onder het ijs, op zoek naar een wak. Ik kan zelfs niet meewarig met mijn hoofd schudden omdat de golven me wat zeeziek maken, mijn maag doet tollen en ik alleen recht kan blijven staan als ik mijn ogen sluit.

Gij muze zijt een lafaard, gij zijt het afgebold, mijn ontrouw wijf, gij stuk haaibaai dat volgewreten lui ergens op verre stranden ligt, dat neukt en hoert met vreemde lui , dat straks voldaan en opgepept weer in mijn aders kruipt. Hoewel ik woedend ben, heel stil in mijn beweging, onmerkbaar zelfs voor pijn die op de loer ligt, draai ik me toch al op mijn rug en wacht ik met opgeheven lid uw thuiskomst af. Dat is het teken dat de lucht weer open splijt en gij met veel omhaal weer op mij neder daalt.

Zo verlaat en neemt ge mij, gij smerige teef, wanneer het u belieft. Ik, uw minnaar, uw slaaf en uw gerief.

 

12:52 Gepost door ivo konings in literatuur/poëzie | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.